Café Brem

Uw drankgelegenheid - praatcafé te Hoegaarden

Pintjes, bieren, suggestiebieren

Van harte welkom bij Café Brem, hét huis van het bier te Hoegaarden. Met veel aandacht voor het verhaal en de geschiedenis van het bier, serveren wij u dag in dag uit de lekkerste, versgetapte pintjes. Ook voor originele en minder bekende bieren kan u in Café Brem terecht met een uitgebreide bierkaart, die overigens zeer regelmatig wordt aangevuld met tijdelijk verkrijgbare suggestiebieren.

Hoegaarden is al sinds de jaren 1300 gekend om zijn bieren, dus hebben we bij Café Brem veel aandacht voor de geschiedenis van ons prachtig dorp.

Geschiedenis Hoegaarden

Café “Brem” is één van de oudste herbergen van de gemeente Hoegaarden. Het café opende voor het eerst zijn deuren in 1934 en “Brem” is in feite de bijnaam van de eerste eigenaar Lambert Michiels. Lambert was namelijk bezembinder en om dit beroep te kunnen uitoefenen had hij namelijk heide of brem nodig om de bezems te kunnen fabriceren.

Oorspronkelijk was dit gebouw een pensionhuis waar buitenlanders die in de plaatselijke brouwerijen of suikerfabriek kwamen werken konden logeren. Tevens was er ook een kruidenierswinkeltje in onder gebracht. Een groot deel van het meubilair is dan ook nog authentiek gebleven, zoals een deel van de klanten.

Een andere bijnaam van dit echte dorpscafé is “de klein gendarmerie”, daar het een plaats is waar vanaf de beginperiode tot op heden regelmatig rijkswachters of politiemensen hun dorst komen of kwamen laven. Jarenlang en tot in 2005 werd de herberg opengehouden door 3 generaties van de familie Michiels. Vanaf 2005 kwam het dan ook in handen van buitenstaanders alhoewel deze personen jaren hun stage als klant hier liepen.

Het politie-incident

Frasie begon de bezoekers, vaak gewezen personeelsleden, druppels te verkopen en nadien ook groenten. Daar kwamen een winkel en café van, op de actuele plek van Café Brem. De dag dat hun zaak openging, in 1934, liep de rijkswacht er langs want er was, voordien al, een klacht ingediend tegen hun niet-vergunde handeltje aan huis. Het illustreert hoe weinig medeleven de mensen hadden. Ze deden het om te overleven met drie kinderen, terwijl de dokter driemaal daags over de vloer kwam. Bare bleef lang te bed. Ze hadden tien centimeter zagemeel op de kasseien voor het huis gestrooid om het dokkeren van de wagens van de brouwerij te dempen. Op het moment dat de gendarmen binnenvielen was dokter Stes net Bare aan het verzorgen. Hij legde de situatie uit. Bij het zien van de wonde viel één van de gendarmen in zwijm. Er is nooit een proces van gekomen. Integendeel, de gendarmen werden trouwe klanten. Tot op de dag van vandaag komt de politie langs, als ze op informatie uit is.

Ijskar en vaten bier

Bare Brem reed later nog met een ijskar rond. Zijn oudste dochter Maria bleef toen ze veertien was thuis van school om in winkel en café te helpen. Ze trouwde met Georges in 1942 die een jaar in het café kwam inwonen. Nadien trok ook de tweede schoonzoon er in maar het was Bares zoon Miel die met zijn vrouw Hilda de zaak zou voortzetten. Maar er woonde nog veel meer volk onder datzelfde dak. Brems zuster Trees, jonge weduwe, vestigde zich met haar dochter in een achterbouw en trok er vaten bier op flessen. Het decor is nauwelijks veranderd sedert de jaren dertig.